Stop met normaal te willen zijn. Dat hoorde ik lang geleden voor het eerst. Sindsdien werd het een soort refrein dat nu en dan mijn denken overheerst. Ook al spreek ik dezelfde taal en leef ik een gelijkaardig leven, toch stel ik vast dat ik verdwaal in dingen die anderen voldoening geven. Ik meen veel te begrijpen van wat anderen niet zien, terwijl ik nooit begrijp waaraan ik zoveel vriendelijkheid én onverschilligheid verdien. Welke plaats ik in een hoofd of een hart van anderen betrek, is veruit mijn meest onoverkomelijke, levenslange blinde vlek. Mensen komen en mensen gaan. Dat laatste zonder conflicten vaak, maar met de stille, duidelijke boodschap: geen belangrijke rol in mijn bestaan. Ik ben steevast een bezoeker die alom welkom wordt geheten, maar hoe je dan moet zorgen dat je ook kan blijven, dat heb ik dus nooit geweten. Misschien ben ik gewoon te weinig uitgesproken, teveel van alles en te weinig van iets, zodat verbintenissen weer snel worden afgebroken wanneer blijkt dat ik geen antwoorden op behoeftes bied. Ik schiet voortdurend en overal tekort en dat ligt ook helemaal aan mij, maar waar het mij juist aan schort daar raak ik helaas na al die jaren nog steeds niet bij.
vrijdag 16 juni 2023
woensdag 14 juni 2023
Post voor niemand 39
Het is weer van den hoge druk en dat op elk gebied. Met een overvloed aan zuchtjes en wind die nauwelijks verlossing biedt. De hersenen raken overhit en zweet breekt uit de huid. Zoveel dat nog te wachten zit voordat de schoolpoort sluit. Er worden schaduwen geworpen en dromen leeggemaakt, er worden verwachtingen opgeworpen waar niet iedereen over raakt. Er valt regen uit de ogen als een onweer in de nacht. Er wordt tegen het spiegelbeeld gelogen over een falen dat men sowieso verwacht. Er wordt aarzelend in de zon getreden, wijsheid geschonken voordat ze verdampt. Er wordt getwijfeld zonder reden en lakse luiheid met overmoed bekampt. Er wordt gesnakt naar een later waarin de hoge druk verstomt en vrije tijd als regenwater plotsklaps uit de hemel gevallen komt. Maar voorlopig lokt het blauw van nog onbereikbaar hoog en staan de dagen die om minder vragen toch nog heel eventjes droog.
dinsdag 13 juni 2023
Post voor niemand 38
Op het eerste zicht lijkt het alsof ze er niet hoort, de ‘n’ als tweede letter in een woord. Ze zorgt namelijk voor een soort kneepje in de neus, maar net daardoor is ze exact de juiste keus. Bij fnuiken voel je in je gelaat het schoentje knellen en wat gniffelen met je neus doet, hoef ik je vast niet te vertellen. Bij het knarsen van de tanden heb je graag die ‘n’ voor handen en het geluid van knerpend grind maakt ook maar luttele gezichten open en blijgezind. Soms laat de ‘n’ eerst even een noodzakelijke pauze vallen om daarna net extra hard te kunnen knetteren of feestelijk te knallen. En alleen al bij het uitspreken van het woordje snijden, voel ik bij de n een scherpe pijn naar binnen glijden. Van knoestige knollen ga ik snotteren maar nasaal snateren doe ik gelukkig nooit. En een knie kan wel eens knakken als ze niet in de juiste richting wordt geplooid. Ja, die ‘n’ als tweede letter dat doet altijd iets wonderlijks met het neusje en wie dit niet aanvoelt, verklaar ik op taalgebied bij deze tot een knorrig kneusje.
maandag 12 juni 2023
Post voor niemand 37
Ik hou van oude mensen. Die weten wat ze willen. Met kleinmenselijke wensen en de wijsheid om tanende honger toch zinvol te kunnen stillen. Ik hou van oude mensen met vrede in hun denken, die de dagen bewust begroeten en wat nog goed is aandacht schenken. Ik hou van die oude mensen die jonge laten zien, dat het leven draait om je eigen weg te vinden. Want wie dat leert, scoort de enige belangrijke tien op tien.
zondag 11 juni 2023
Post voor niemand 36
Ik heb geen vader en hij leeft nog. Een verbale pantoffelheld, een zelfgekozen underdog. Ooit was hij in het stopcontact de stekker, de achteloze verwekker, de noodzakelijk vonk. Maar daarna was vaderschap niet direct datgene waarin hij uitblonk. Natuurlijk heeft hij talenten, anders raak je niet aan de nodige centen. Zo is zijn talenkennis veel uitgebreider dan die van mij. Maar op de momenten dat je een vader nog hebt, vond je hem zelden aan je zij. Was het niet kunnen? Was het niet willen? Was het niet kunnen willen, omdat hij vooral eerst de eigen noden node moest stillen? Het zijn vragen die leven maar soms geen antwoorden verdragen. Gelukkig zie ik ondertussen hoe broer en zussen desondanks ook de weg wel wisten te vinden richting geluk en teerbeminden. Hoe ze wel fantastische ouders zijn al was het goede voorbeeld op vadervlak verwaarloosbaar klein. Soms denk ik dan ook: misschien, heb ik net als hij, gewoon veel geluk met mijn kinderen, los van wat ik verdien. Maar wat er ook van zij, vier vandaag de goede vaders, maak ze met je liefde blij. Zelf gedenk ik vandaag mijn lang overleden grootvader, want hij vadert wel nog steeds in mij.
zaterdag 10 juni 2023
Post voor niemand 35
Het ritselt in de bomen, het zomert in m'n hoofd. Het blauw ver daarboven wil met heel haar wezen dat in haar zorgeloosheid wordt geloofd. Ik kijk hier beneden tevreden in het rond en proef de gulzige zuidenwind als een verlangen in mijn mond. Ik denk aan zachte dijen en zweet dat parelt op de huid. Ik herinner me vaag een smelten en een snikkend oergeluid. Ik weet dat ze bestaat, de liefde zoals verbeeld. Het is een zonnige dageraad die blindeman met je speelt. Ze ruist in je bloed en fluistert in je oor. Ze zet alles in beweging en gaat er spottend met je hart van door. Ze schenkt je het allerhoogste en de bijhorende val. En dan iets onbestemds dat je achtervolgen zal. Een ritsel in de bomen, een blauw dat aan je trekt. Een zachte zomerbries die een lang verzwegen hunker schurend, maar ook zo welkom, weer tot leven wekt.
donderdag 8 juni 2023
Post voor niemand 34
Ze moesten voor Nederlands met vier éénzelfde boek lezen en dat ze dat ook effectief gedaan hadden, hebben ze overtuigend bewezen. Het verhaal betrof een gijzeling die een groep klasgenoten onderging bij één van de jongeren thuis. En nu zaten drie van hen zogezegd in een talkshow op de buis. Eén leerling speelde de vlotte presentator met steekkaartjes in de hand, de drie andere leerlingen speelden drie personages die door de gijzeling hun zorgeloze jeugd zagen gestrand. Vraag na vraag en gepast traag werd het verhaal naverteld. Over wat er juist gebeurd was en het bijhorende geweld. Hun inleving was verbazingwekkend om te zien. En ook hun opbouw van de spanning neigde naar een tien. Maar dan moest het hoogtepunt nog komen. Plots riep een van hen heel luid en angstig door de klas. Ze zag zogezegd een meisje met een gele jas dat er helemaal niet was. Er trok een huivering door ons allemaal, dit was theaterkunst van hoog niveau in een eenvoudig klaslokaal. Er bewogen tranen in haar ogen, er sprak wanhoop uit haar blik. Van pure methodacting had deze leerling duidelijk geen schrik. Zelf hoefde ik daarna geen toneel te spelen en kon hen onder de indruk meedelen dat ze met glans waren geslaagd. Soms, heel soms, doen ze veel straffer dan eigenlijk van hen werd gevraagd.
dinsdag 6 juni 2023
Post voor niemand 33
Een schooljaar is niet lang genoeg, eigenlijk is het maar even. Het voelt sowieso aan als te vroeg om hen alweer af te moeten geven. Eerst werken ze een tijdje op je zenuwen en doen ogenschijnlijk niet wat je vraagt. Het lijkt alsof ze louter gericht zijn op alles wat het leerproces vertraagt. Maar langzaam leer je hen kennen en wennen ze ook aan jou. En ja, het blijven pubers en ze doen al graag eens flauw, maar ze schudden net zo goed de heerlijkste reacties uit hun mouw. Het is een dagelijks spel van geven en nemen, het nodige respect verlenen en vooral leren open zijn naar elkaar. Met het verstrijken van de weken, de maanden, het jaar ontstaat er zelfs met de grootste zeveraar zoiets als een waardevolle band. En dan, ja pas dan, wordt het echt interessant. Dan ontstaat er een vertrouwen om het echte leren op te bouwen. Dan leer je waar te duwen en waar los te laten, welke wegen je best kan schuwen en waarover je juist moet praten. Leren wordt floreren eens die basis is gelegd. Ik heb elk van hen zo leren waarderen en ik heb hen dat vandaag ook gezegd. Nu hebben ze nog examens en dan zijn ze even vrij. Daarna zetten ze hun weg voort maar helaas dus niet langer meer met mij.
donderdag 1 juni 2023
Post voor niemand 32
Zoals ik haar daar zie staan denk ik aan een pelikaan die volgens een oude fabel de eigen borst openhaalt. Iets in haar hoofd heeft bepaald dat ze offers moet maken, dat ze haar eigen geluk moet verzaken en eerder moet barsten dan buigen. Alles rondom valt in duigen als zou blijken dat datgene waarvoor alles moet wijken op drijfzand is gebouwd. Want welbeschouwd wil ze maar één ding: haar ouders fier maken door te bewijzen dat ze slim is, maar hiervoor vindt ze nergens bevestiging. Ze werkt hard en voelt zich meer. Ze zet zich openlijk apart en kijkt meewarig op de anderen neer. Ze kiest ervoor alleen te staan en wil desnoods ten onder gaan als haar waan van superioriteit niet tot de gewenste successen leidt. Ze is niet slim, ze is niet dom, alleen over haar weg naar geluk oogt haar denken krom. Ze wil zijn wie ze niet is en loopt zo helemaal vast. Breekbaar en trots als een porseleinen pop die denkt te kunnen leven in een glazen kast.
woensdag 31 mei 2023
Post voor niemand 31
Artificiële intelligentie geeft alweer een nieuwe dimensie aan het leven van vandaag. Of het ook een zegen is, is ondertussen al een overbodig geworden vraag die je via AI zou kunnen stellen. AI zal dan op wonderlijke wijze een oordeel over zichzelf kunnen vellen. Het kan lezen, het kan schrijven, het kan de meeste onkunde voor eventjes verdrijven. Het is snel en accuraat en ogenschijnlijk tot het onmogelijke in staat. Het zal ons verrijken en ons dienen. Al valt dat natuurlijk ook nog te bekijken, want er zijn wel wat misschienen. Jobs zouden verdwijnen, de impact van de mens zou stilletjes verkleinen en zelfs kunst zou op termijn vooral kunstmatig zijn. Maar wat valt er te beleven aan een gedicht door een machine uitzonderlijk mooi geschreven dat de hapering van een hart niet kent? Dat het sentiment ontbeert waaruit het verlangen tot creëren wordt geboren? Nee, in het domein van de kunsten heeft AI niets verloren. Kunst is voor mij alleen iets waard als daarin een mens een stuk van zichzelf openbaart of desnoods op onnavolgbare manier navelstaart. Kunst blijft iets van mens tot mens, daar ligt bij artificiële intelligent voor mij absoluut de grens.
dinsdag 30 mei 2023
Post voor niemand 30
In de zinderende namiddaguren ligt het park van Tervuren er te verzadigd bij. De lucht te blauw, het gras te groen en de vijvers te vredig zij aan zij. En alsof horend tot het toeristisch beleid zien we her en der verspreid koppeltjes bij elkaar. Het ene paar nog onstuimig jong en anderen frivool grijs, maar allen liggend lip aan lip of Bart Peerterskesgewijs. De wind wil nog wel koelen maar de handen zijn hongerig en voelen zich onaantastbaar. Ze staan allen voor het park te kijk maar worden rondom niet langer meer gewaar. Kikkers kwaken dat ze prinsen zijn of zelfs bezitters van een gouden bal. Witte zwanen rechten hautain de hals, want de meeste kikkers kwaken vals en geen deerne die hen kussen zal. Wat verder in te groene gras en onder het te blauwe blauw ligt een jonge vrouw op haar zij en heel alleen. Alsof er ooit wel een lepeltje was geweest dat er plots genoeg van had en dan maar met een diepe zucht verdween. Haar ogen zijn toe als geloken jaloezieën, haar armen omringen de lichtjes opgetrokken knieën en haar haren laten zich versieren door de schaamteloze wind. Ze slaapt de slaap der onschuldigen, kwetsbaar en onbevangen als een kind. Ze is ergens ver weg, waar enkel dromen kunnen komen. Rondom zuchten er bomen en aan haar voeten stroelt het water alsof het zeggen wil: geef je, geef je over, al de rest kan evengoed nog later. De lente is haar deken en het park haar ledikant. Ik heb slechts vluchtig naar haar gekeken, maar een vertedering lang was zij de mooiste van het land.
Post voor niemand 29
Gisteren was het haar feest. Ze was heel erg aanwezig, helemaal anders dan door mij beschreven was geweest. De zon was in de maan haar plaats gaan staan en wolken waren er niet. Er was alleen maar vreugde en nergens spatjes aan verdriet. Het vogeltje was gevlogen, er was geen nood aan mededogen en alles was plezant. Ze stond met een schare vriendinnen hand in hand langs de bewuste waterkant en sprong. Ze doken in het water, zorgeloos over later en vierden de lente in hun leven. Mijn tekst, op vraag van haar moeder geschreven, is dan ook onuitgesproken op zak gebleven. De lucht was helderblauw en alle gasten waren gekleed in wit. Het was zo’n heerlijk feestje waarop geen mens op woorden over gemis te wachten zit. Zo werd ze 16 op een prachtige manier, heel erg sweet en zoveel mooier dan mogelijk is op papier.
Post voor niemand 28
Er is zoveel te doen, zoveel wegen te gaan. Zoveel nog de moeite, maar geen beginnen aan. Rechtdoor leidt hoogstwaarschijnlijk enkel naar al gedaan, maar hoe weet een mens waar en wanneer hij af moet slaan? De tijd tikt ondertussen voort. Zachtjes op de schouder. Welke weg je ook kiest, het is altijd richting ouder. Dus ik aarzel en ik twijfel, ik bazel en ik weifel, ik wil wel en dan weer niet. Ik weet nog altijd niet hoe een ander mens mij ziet en dat onvermogen doet alle wankele pogingen ook weer snel teniet. Maar de zon schijnt en het geluk staat vaak aan mijn zijde. Ik heb de mogelijkheid om elke richting uit te rijden. Elke richting die ik maar wil. En net bij die ik maar wil, val ik altijd stil. Er is zoveel te doen, zoveel de moeite waard, zoveel kanten van mezelf die ik al te lang heb opgespaard. De tijd tikt voort, maar ik heb haar vraag aan mezelf gehoord. Ik moet leren kiezen voor en dan maakt het niet uit: links, rechts of volop rechtdoor.
donderdag 25 mei 2023
Post voor niemand 27
Een roedel kleuters onderweg tijdens de mooie maand mei. Ze
wandelen netjes hand in hand en vorderen zij aan zij. Een wel 100 meter lange
rij van vrolijkheid en blij. Ze zwaaien als ik hen passeer of roepen uitbundig ‘Dag
meneer!’ Dit uitje is duidelijk plezant.
Elk kind draagt in de andere hand een boeketje wilde bloemen. Van Dagkoekoek
tot Klaproos, van Margrietjes tot scherpe botergele. Ze zijn te veel om op te
noemen maar duidelijk om uit te delen. Edoch wie zou toch de gelukkige zijn,
het doel van deze bonte kleutertrein? Dus ik vertraag en vraag waar de reis
heengaat en prompt weerklinkt haast euforisch uit menig mond: ‘ Naar de kapel! Naar
moeder Maria!’
Tuurlijk, ja, ik had het moeten weten, de meimaand is de hoogmis van het
katholieke daten en jong geleerd is oud gedaan. Ik wuif ze nog even na en zie een
jongen struikelen en vallen. Ik hoop niet van zijn nog jonge geloof. Want al
ben ikzelf al heel mijn leven doof voor de stem god, geloof hebben we allen nodig
en er zijn al zoveel mooie tradities kapot. Ave Maria, wees er voor al dit
heerlijk grut en altijd vol gena.
woensdag 24 mei 2023
Post voor niemand 26
Ze praten zonder je aan te kijken. Terwijl de woorden je bereiken, blijven de ogen geloken, verdoken zodat je ze niet kan lezen. Ze vrezen hooguit de hoon van klasgenoten. Hun toon is altijd bars, wars van de vragen die je stelt. Het enige wat telt is gezichtsverlies vermijden. Het is een voortdurend strijden onder zogezegde vrienden die elkaars zwaktes zoeken en vinden en dan genadeloos uithalen. Ze verdwalen in hun eigenwaan dat ze boven alles en iedereen staan. Ze minachten de meisjes die humor niet verstaan en verachten de apen in de klas vooraan. Ze zijn slim, maar van hartelijkheid gespeend. Alles aan hen lijkt berekend en niets oprecht gemeend. Al een heel schooljaar probeer ik hen te bereiken, maar ze wijken alleen maar verder terug. Ontwijken elke brug die ik tracht te slaan, er helpt er geen lievemoederen aan. Het eenvoudigste zou zijn hen los te laten. Enkel over de prima punten praten en de schijn ophouden. Maar er is een wonde, een niet eens zo oude, van een jongen die me ook nooit aankeek als hij praatte en elke zoektocht naar verbinding haatte. Nog vaak denk ik nu hij er niet meer is: dat soort afwijzing is te gevaarlijk om zonder slag of stoot toe te laten.
dinsdag 23 mei 2023
Post voor niemand 25
Dit schooljaar heb ik net voldoende krediet om elke week één uurtje in een economielokaal te mogen vertoeven. Terwijl de leerlingen voor mij zwoegen op enkelvoudige en samengestelde zinnen, nevenschikkingen en meer van dat wat voor hen vast aanvoelt als van ondergeschikt belang, laat ik mijn blik door het lokaal dwalen. Het is er ordelijk en overzichtelijk zoals het in zo’n lokaal betaamt. Aan de muur hangen kadertjes netjes horizontaal behalve eentje. Die moet volgens mij een dalende beursnotering voorstellen. In het eerste kadertje hangen alle eurobiljetten als de tien geboden bij elkaar. Er hangen erbij die ik niet ken. Kader twee kreeg als titel ‘Geschiedenis van het geld’ mee. En als ik het goed zie, loopt die hemelse geschiedenis nog door in kader drie. Hier heerst duidelijk de godsdienst van het kapitalisme. Het priapisme van de eeuwige groei. Achteraan in de klas foto’s van fiere volgelingen strak in het pak of hoog op de hak. Zij zijn succesvol onderwezen in wat de wereld doet draaien. Terwijl ik met een taal zit te dwepen die amper nog wordt gesproken, kennen zij de grammatica van de enige taal die wereldwijd door iedereen wordt begrepen. Die van de held geld. Maar net zoals ik me tot God of Allah niet kon bekeren, moet ik het tot geld ook niet proberen. Op elk altaar wordt nu eenmaal altijd te veel geofferd. Na het afwegen van kosten en baten, kom ik steeds tot de conclusie dat ik me met geen enkele kan inlaten. Ik verlos hen die zich ijverig op het werk hebben gestort met de eenvoudige woorden EINDE VAN DE LES op het bord. In kapitalen. Met dit economisch gezien waardeloze stukje heb ik vast weer heel wat krediet verloren. Neem het mij niet kwalijk, ik ben nu eenmaal als onverbiddelijke heiden geboren.
maandag 22 mei 2023
Post voor niemand 24
Vandaag las ik een brief voor in de klas. Niet eentje van Paulus gericht aan de Korintiërs, maar wel de eerste van markiezin De Merteuil aan burggraaf De Valmont. Vileine gedachten in de mooiste bewoordingen neergeschreven. De schoonheid van het kwade. Goddelijk destructief.
zondag 21 mei 2023
Post voor niemand 23
Luttele oogopslagen geleden dronk ze nog haar melk uit een glas, veegde ze haar snor weg met de achterkant van haar hand en vroeg ze me haar veters te knopen. De rol van vaderheld liet zich nog makkelijk strikken. Maar zoveel oogopslagen later hapte de tijd er hongerig op los, is de vaderheld mee opgeslokt en is vader meestal gewoon de klos. Vanochtend vraagt ze bij het ontbijt naar de ambiguïteit van het existentialisme. Je weet wel, die kritiek van Simone de Beauvoir op het werk van Sartre. Je weet wel, je weet wel, sakker ik binnensmonds maar knik alsof ze net gevraagd heeft de chocoladevlokken door te geven. Tja, zeg ik met een air alsof ik er zelf bij was, die twee hebben altijd een beetje een ambigue relatie gehad. Je zou nochtans verwachten dat je de vlooien die je van het slapen bij de hond gekregen hebt, de hond niet laat terugbijten. Hoezo, was dat dan een koppel, vraagt ze verrast. Nou breekt mijn klomp! Ja, ten huize van wordt er al wel eens ouder Nederlands gebezigd. En zeggen dat ik dacht dat Satre en Descartes tijds- en kroeggenoten waren, gooit ze er nog argeloos achterna. En hopla, vrolijk hapt de tijd er verder op los. Ik zeg dat ik de finesse ervan vergeten ben, maar dat ik het varkentje wel zal wassen. Ik verzoek haar op te krassen richting haar boeken zodat ik in alle rust het antwoord op haar vraag kan zoeken. Ze groeit zo mooi, maar ook dat is ambigu. Het is nooit op de juiste momenten lang genoeg nu. Ik staar door het raam naar mijn voortuin die er netjes bij ligt volgens de wetten van maai-mei-niet. De distels in bloei en het gras okselhoog. Met een zucht trek ik mijn loopschoenen aan. Als ik de happen van de tijd wil bijhouden, zal ik in conditie moeten blijven. Een conditio sine qua non, me dunkt.
zaterdag 20 mei 2023
Post voor niemand 22
Hij was een man die kwam, verdeelde, heerste en weer ging. Hij was iemands hoop en vermoedelijk ook iemands lieveling. Hij preekte liefde, griefde en werd wie hij niet worden wou. Hij was een kind dat speelde groot te zijn en eindigde in ontrouw. Hij was niet slecht, hooguit onecht en angstig aan het eigen zwakke ego gehecht. Hij was een tragische man, niet opgewassen tegen de wensen van het leven en daar zijn er oneindig veel van. Hij vond ons als vogeltjes nog in het nest, knipte de vleugels voor onze eigen best en vroeg dan om dankbaarheid. Hij vocht een onmogelijke strijd voor het eigen gelijk, we waren hem vaak liever arm dan rijk en leerden het verschil tussen woord en daad. Slechts tot zelfbeklag in staat, wankelend tussen eigenliefde en zelfhaat, kwam de dag dat hij ook weer ging. Stampvoetend en als de zwakkeling die hij onder alle schijn altijd was, ontvluchtte hij iedereen die hij zo graag de les las. Hij was een man die kwam, verdeelde, heerste en weer ging. Hij was een man die meer kreeg dan hij verdiende, maar nu slechts verder leeft als een vage, zure herinnering.
Post voor niemand 21
Ach, Margrietje, de rozen zullen bloeien, ook al ben jij er
niet meer. Dat hoorde ik de eerste keer de dag dat hij er niet meer was. Het was een kras die diep naar binnen sneed, die
deze achtjarige zachtjes huilen deed en vulde met een gevoel waarvan hij nooit genas.
De rozen bloeien immers voort alsof ze zijn woorden hebben gehoord en doen wat
hij verlangt. Maar zijn stem werd stil gesmoord door een dood die cynisch vangt
al wie hem het meest bekoord. Later ging ook hij weg om wie we niet hoefden te
huilen, want hij was niet echt weg moest je weten. Zo gingen velen van hen en
ik kan hen niet vergeten. Ze zongen over heengaan en gingen veel te vroeg.
Zeker die ene die struikelde en viel met nog een heel leven voor de boeg. Ook hoor
hun stemmen nog zinderen, maar soms is dat niet genoeg.
Post voor niemand 20
De ijskast ronkt, een bromvlieg bromt en de lucht is
verlegen blauw. De dag is vrij, de hemel open en mijn gedachten varen naar jou.
Je haren strak in permanent, je humeur altijd egaal content, je dagen met
noestigheid gevuld. Geen oorkussen van
de duivel, buiten koerden je eigen mans duiven en jij het toonbeeld van
engelengeduld. Je had me lief, je bakte spek en soms hield ik je voor de gek.
Dan schudde je het hoofd en lachte luid, je hart was groot genoeg voor zo’n
schavuit. Je bad voor ons, stak ons in bad, veegde de spons over verdriet dat
niet eens zo diep in ons verborgen zat. Je pluimde kip tot vol-au-vent, je weigerde
alcohol carrément en koelde pudding op de vensterbank. Je sneed het brood nog
op de plank of dicht tegen je boezem aan. Je deed nog wat je voorouders je voor
hadden gedaan. Je was een echo uit een andere tijd die helaas verloren heeft
van de moderniteit. Ik hoop dat je daar nu ergens boven zit, vrij van plichten
en vals gebit. Maar met een glimlach om je mond omdat je dat van dat gebit er
toch weer ondeugend over vond. De dag is vrij, de hemel open en mijn gedachten
varen naar jou. Je leeft nog altijd in mij en jouw waarden blijf ik trouw.
Post voor niemand 19
Achter haar is haar feestje bezig. Maar zij zit afwezig
langs de waterkant en luistert naar de wind. Volwassen voelt ze zich nog niet
maar ook niet langer kind. Halfwassen dan misschien. Ze voelt vooral de uitersten
zoals menig meisje van 16. In het water voor haar wast de maan en volgen de
golven het ritme van de muziek. De sterren die erbij komen staan maken haar
lichtjes melancholiek. Ze heeft alles om gelukkig te zijn, meer dan het hart
begeert. Maar ze weet ondertussen dat je kinderlijk gelukkig zijn ergens onderweg
verleert. Een wolk drijft voor de maan en de wind neemt toe in kracht. Ze
staart naar de haartjes op haar arm en hoort plots heel zacht de stem van hem
die ze zo mist. Van wie het lot heeft beslist dat ze voortaan zonder hem moet gaan.
In de boom tegenover zit een vogel die haar
aankijkt en zwijgt, maar net daarom al haar aandacht krijgt. De vogel schudt
het kopje alsof het wil zeggen waarom stop je? Waarom stop je met vieren? Missen is gewoon één
van de manieren waarop het leven wil zeggen, dat wat je liefhebt altijd zal
blijven, ook al valt dat niet uit te leggen. Het vogeltje vliegt op en de wolk schuift bij
de maan vandaan. Ze voelt de sterren als
feestlichtjes in haar aangaan en ze lacht. Zestien is vaak bittersweet, maar
vooral veel rijker dan gedacht.
dinsdag 18 april 2023
Post voor niemand 18
Het was amechtig proberen, het was node leren in levende lijve. Het was kijven en verliezen. Kiezen voor straffen en als tandeloze honden blaffen omdat onmacht de macht greep. Het was nood hebben aan een streep, een grens waarbij de volwassen mens het koppige kind weer in de gewenste mal probeerde te krijgen. Het was dreigen om zelf niet dreigen kopje onder te gaan. Het was willen laten luisteren zonder gehoor te geven aan het woordeloos brullend verzet van je kind. In de gang op de mat want papa was de kuren zat. Met een air van autoritair hoopte hij het weerbarstige wezen weer in het gareel te dwingen. Maar het bleek vooral de snelste weg naar angstige herinneringen waarover ze nu, jaren later, soms nog levendig praten. Het was zo hard de mist in gaan, maar toen niets in de gaten. Het was leren in levende lijve van lessen waarvan je nooit had vermoed dat ze die ooit weer onder je neus zouden wrijven.
maandag 17 april 2023
Post voor niemand 17
Er was ooit een tijd van niet meer thuiskomen. Van koppig zijn en dwarsbomen. Van geen blijf met jezelf weten en dan maar dolen. Het gevoel te zijn bestolen van waar je recht op had. Een tijd van alles zat en alle bruggen moesten branden. Zand tussen de vingers en lege handen die niet wisten van welk hout nog pijlen maken. Het was jezelf kwijtraken in de overgang van kind naar man, van hij die alles kan tot hij als nummer in een rij. Het was een tijd van uitvallen, afvallen, vallen tout court en geen zin meer om op te staan. Van geen kant uit weten te gaan en dat vooral nooit toegeven. Van vijf hoog op een richel lopen, in alle stilte wanhopen en alles slopen wat anderen voor jou met goede intenties hadden opgebouwd. Het was een tijd van eenzaam en koud. Van afscheid, van losmaken, van geliefden diep raken met woorden die tussen geliefden niet thuishoorden. Het was een tijd van niet meer thuiskomen. Het was een tijd die nooit meer helemaal is goed gekomen.
zaterdag 8 april 2023
Post voor niemand 16
Het was in de overgangsjaren naar volwassen, vaste plooien slopen binnen en het kind in mij werd verzocht op te krassen zodat het echte leven kon beginnen. Met de schouders halfstok en een diploma drama in de hand was ik terug in Leuven aanbeland en zocht zonder dralen nieuwe wegen om te verdwalen. En voor het gemak ook onderdak. Zo ging ik dus in zee met de uitbater van het Commercecafé, verbond me voor een jaar met hem en in één ruk door met de vrouw die ik nu als de moeder van mijn kinderen ken. Want het was daarboven op het einde van de gang dat een jonge vrouw met hoge zelfstandigheidsdrang mij bij de hand nam en zei: jij wordt van mij. Samen keken we naar Schalkse Ruiters, de opgaande zon en het standbeeld van de luchtballon. Het is daar en toen dat al het verdere begon. De liefde, waaruit de kinderen later zijn verrezen, laat zich nog altijd in de vele achtergelaten kattenbelletjes lezen. Het was mijn kompas dat jarenlang richtinggevend was en mij tijdelijk van mijn eeuwige rusteloosheid genas. Ondertussen zijn niet alle ruiters nog zo schalks en is de luchtballon naar elders gevlogen, hebben andere dingen doorgewogen en is een vaste plooi gladgestreken. Het toeval maakt rare capriolen waarop een mens nooit raakt uitgekeken.
vrijdag 7 april 2023
Post voor niemand 15
De lakens zijn gewassen. Het huis is onverhoeds gepoetst. Meestal ben ik tegen stof niet opgewassen, maar uit verveling groeit soms wel degelijk iets goeds. Alles lijkt op orde, alles lijkt kant-en-klaar, de afgewassen borden druipen netjes naast elkaar. De ramen staan wagenwijd open, de lente maakt kabaal, een zwarte kat komt langs geslopen en de bomen zijn niet langer kaal. Uit de radio, uit de speakers dartelen 1001 klassiekers als vislijnen naar een verleden waar ze toen ook al zalfden op de pijn die werd geleden. Boven wachten de bedden op zij die me keer op keer uit de eenzaamheid redden. Maar de kamers zijn eigenlijk te leeg, te klein, te ongeleefd om de hunne te kunnen zijn. Ik heb moeten leren hoe ze hier prima kunnen logeren, voor even, maar niet om echt te leven of om hen die plek tot blijven te geven. Toch weten zij de deur altijd open. Er staat welkom op de mat. Die ik ooit van hen nog voor vaderdag heb gehad. Denkend aan hen maak ik nu ook grote kuis in mijn gemoed. Drie zo’n kinderen, da’s nooit te weinig. Da’s levenslange overvloed.
donderdag 6 april 2023
Post voor niemand 14
Het is in het zuidelijke Torgny dat ik jou in volle glorie zie. De zon hangt al wat lager maar schittert in je blik. Kleinkinderen hollen af en aan en zijn helemaal in hun schik. De vruchten van je arbeid vallen overvloedig in hun mand. Ze eten als losgelaten lammetjes uit jouw gulle hand. Boontjes voor prinsessen en worteltjes om te stoven. Voor hen geen rode bessen, zo zuur, het valt amper te geloven. Maar de aardbeien glijden binnen, het sap druipt van hun kinnen, het blijkt alweer de snelste weg om een kinderhart te winnen. Je toont hen daar de waarde van wroeten in de aarde en hoe het jou verbindt met alles en iedereen die jij belangrijk vindt. Binnen kookt een man met liefde wat jij hebt geteeld terwijl de avondbries schaamteloos met jouw eerste grijze haren speelt. Dichter bij geluk zag ik jou nimmer komen. Dit is eindelijk de bevredigende eenvoud waarvan je altijd had zitten dromen. We zetten ons aan tafel met een glaasje zoete, witte wijn. We zwijgen, zien elkaar en durven openlijk tevreden zijn.
Post voor niemand 13
Haar tranen vloeien. De druppel te veel. Rondom twee reddingsboeien, maar ik neem niet deel. Kijkend voel ik me ontoereikend om het verdriet te stelpen. Om te helpen het hart te luchten, de ramen van haar gemoed open te gooien en wat wijsheden te strooien als zandzakjes tegen de zondvloed. Ik voel hoe ik niet opsta om haar tegemoet te gaan, hoe mijn armen zich niet rond haar slaan en hoe ik betrokken afzijdig blijf. Mijn lijf is te knokig om tegen te schuilen, om het huilen te smoren dat elders is geboren en waar ik bang voor ben om mee in te worden gesleurd. In mij treurt een kind dat al mijn aarzelen onvergeeflijk vindt. Krampachtig glimlach ik begripvol in de hoop dat zij het ziet en zo alsnog zou voelen dat ik geef om haar verdriet. Dat doet ze niet. Het voelt daarna nog lang alsof ik tegenover haar en mezelf tekortschiet.