Artificiële intelligentie geeft alweer een nieuwe dimensie aan het leven van vandaag. Of het ook een zegen is, is ondertussen al een overbodig geworden vraag die je via AI zou kunnen stellen. AI zal dan op wonderlijke wijze een oordeel over zichzelf kunnen vellen. Het kan lezen, het kan schrijven, het kan de meeste onkunde voor eventjes verdrijven. Het is snel en accuraat en ogenschijnlijk tot het onmogelijke in staat. Het zal ons verrijken en ons dienen. Al valt dat natuurlijk ook nog te bekijken, want er zijn wel wat misschienen. Jobs zouden verdwijnen, de impact van de mens zou stilletjes verkleinen en zelfs kunst zou op termijn vooral kunstmatig zijn. Maar wat valt er te beleven aan een gedicht door een machine uitzonderlijk mooi geschreven dat de hapering van een hart niet kent? Dat het sentiment ontbeert waaruit het verlangen tot creëren wordt geboren? Nee, in het domein van de kunsten heeft AI niets verloren. Kunst is voor mij alleen iets waard als daarin een mens een stuk van zichzelf openbaart of desnoods op onnavolgbare manier navelstaart. Kunst blijft iets van mens tot mens, daar ligt bij artificiële intelligent voor mij absoluut de grens.
woensdag 31 mei 2023
dinsdag 30 mei 2023
Post voor niemand 30
In de zinderende namiddaguren ligt het park van Tervuren er te verzadigd bij. De lucht te blauw, het gras te groen en de vijvers te vredig zij aan zij. En alsof horend tot het toeristisch beleid zien we her en der verspreid koppeltjes bij elkaar. Het ene paar nog onstuimig jong en anderen frivool grijs, maar allen liggend lip aan lip of Bart Peerterskesgewijs. De wind wil nog wel koelen maar de handen zijn hongerig en voelen zich onaantastbaar. Ze staan allen voor het park te kijk maar worden rondom niet langer meer gewaar. Kikkers kwaken dat ze prinsen zijn of zelfs bezitters van een gouden bal. Witte zwanen rechten hautain de hals, want de meeste kikkers kwaken vals en geen deerne die hen kussen zal. Wat verder in te groene gras en onder het te blauwe blauw ligt een jonge vrouw op haar zij en heel alleen. Alsof er ooit wel een lepeltje was geweest dat er plots genoeg van had en dan maar met een diepe zucht verdween. Haar ogen zijn toe als geloken jaloezieën, haar armen omringen de lichtjes opgetrokken knieën en haar haren laten zich versieren door de schaamteloze wind. Ze slaapt de slaap der onschuldigen, kwetsbaar en onbevangen als een kind. Ze is ergens ver weg, waar enkel dromen kunnen komen. Rondom zuchten er bomen en aan haar voeten stroelt het water alsof het zeggen wil: geef je, geef je over, al de rest kan evengoed nog later. De lente is haar deken en het park haar ledikant. Ik heb slechts vluchtig naar haar gekeken, maar een vertedering lang was zij de mooiste van het land.
Post voor niemand 29
Gisteren was het haar feest. Ze was heel erg aanwezig, helemaal anders dan door mij beschreven was geweest. De zon was in de maan haar plaats gaan staan en wolken waren er niet. Er was alleen maar vreugde en nergens spatjes aan verdriet. Het vogeltje was gevlogen, er was geen nood aan mededogen en alles was plezant. Ze stond met een schare vriendinnen hand in hand langs de bewuste waterkant en sprong. Ze doken in het water, zorgeloos over later en vierden de lente in hun leven. Mijn tekst, op vraag van haar moeder geschreven, is dan ook onuitgesproken op zak gebleven. De lucht was helderblauw en alle gasten waren gekleed in wit. Het was zo’n heerlijk feestje waarop geen mens op woorden over gemis te wachten zit. Zo werd ze 16 op een prachtige manier, heel erg sweet en zoveel mooier dan mogelijk is op papier.
Post voor niemand 28
Er is zoveel te doen, zoveel wegen te gaan. Zoveel nog de moeite, maar geen beginnen aan. Rechtdoor leidt hoogstwaarschijnlijk enkel naar al gedaan, maar hoe weet een mens waar en wanneer hij af moet slaan? De tijd tikt ondertussen voort. Zachtjes op de schouder. Welke weg je ook kiest, het is altijd richting ouder. Dus ik aarzel en ik twijfel, ik bazel en ik weifel, ik wil wel en dan weer niet. Ik weet nog altijd niet hoe een ander mens mij ziet en dat onvermogen doet alle wankele pogingen ook weer snel teniet. Maar de zon schijnt en het geluk staat vaak aan mijn zijde. Ik heb de mogelijkheid om elke richting uit te rijden. Elke richting die ik maar wil. En net bij die ik maar wil, val ik altijd stil. Er is zoveel te doen, zoveel de moeite waard, zoveel kanten van mezelf die ik al te lang heb opgespaard. De tijd tikt voort, maar ik heb haar vraag aan mezelf gehoord. Ik moet leren kiezen voor en dan maakt het niet uit: links, rechts of volop rechtdoor.
donderdag 25 mei 2023
Post voor niemand 27
Een roedel kleuters onderweg tijdens de mooie maand mei. Ze
wandelen netjes hand in hand en vorderen zij aan zij. Een wel 100 meter lange
rij van vrolijkheid en blij. Ze zwaaien als ik hen passeer of roepen uitbundig ‘Dag
meneer!’ Dit uitje is duidelijk plezant.
Elk kind draagt in de andere hand een boeketje wilde bloemen. Van Dagkoekoek
tot Klaproos, van Margrietjes tot scherpe botergele. Ze zijn te veel om op te
noemen maar duidelijk om uit te delen. Edoch wie zou toch de gelukkige zijn,
het doel van deze bonte kleutertrein? Dus ik vertraag en vraag waar de reis
heengaat en prompt weerklinkt haast euforisch uit menig mond: ‘ Naar de kapel! Naar
moeder Maria!’
Tuurlijk, ja, ik had het moeten weten, de meimaand is de hoogmis van het
katholieke daten en jong geleerd is oud gedaan. Ik wuif ze nog even na en zie een
jongen struikelen en vallen. Ik hoop niet van zijn nog jonge geloof. Want al
ben ikzelf al heel mijn leven doof voor de stem god, geloof hebben we allen nodig
en er zijn al zoveel mooie tradities kapot. Ave Maria, wees er voor al dit
heerlijk grut en altijd vol gena.
woensdag 24 mei 2023
Post voor niemand 26
Ze praten zonder je aan te kijken. Terwijl de woorden je bereiken, blijven de ogen geloken, verdoken zodat je ze niet kan lezen. Ze vrezen hooguit de hoon van klasgenoten. Hun toon is altijd bars, wars van de vragen die je stelt. Het enige wat telt is gezichtsverlies vermijden. Het is een voortdurend strijden onder zogezegde vrienden die elkaars zwaktes zoeken en vinden en dan genadeloos uithalen. Ze verdwalen in hun eigenwaan dat ze boven alles en iedereen staan. Ze minachten de meisjes die humor niet verstaan en verachten de apen in de klas vooraan. Ze zijn slim, maar van hartelijkheid gespeend. Alles aan hen lijkt berekend en niets oprecht gemeend. Al een heel schooljaar probeer ik hen te bereiken, maar ze wijken alleen maar verder terug. Ontwijken elke brug die ik tracht te slaan, er helpt er geen lievemoederen aan. Het eenvoudigste zou zijn hen los te laten. Enkel over de prima punten praten en de schijn ophouden. Maar er is een wonde, een niet eens zo oude, van een jongen die me ook nooit aankeek als hij praatte en elke zoektocht naar verbinding haatte. Nog vaak denk ik nu hij er niet meer is: dat soort afwijzing is te gevaarlijk om zonder slag of stoot toe te laten.
dinsdag 23 mei 2023
Post voor niemand 25
Dit schooljaar heb ik net voldoende krediet om elke week één uurtje in een economielokaal te mogen vertoeven. Terwijl de leerlingen voor mij zwoegen op enkelvoudige en samengestelde zinnen, nevenschikkingen en meer van dat wat voor hen vast aanvoelt als van ondergeschikt belang, laat ik mijn blik door het lokaal dwalen. Het is er ordelijk en overzichtelijk zoals het in zo’n lokaal betaamt. Aan de muur hangen kadertjes netjes horizontaal behalve eentje. Die moet volgens mij een dalende beursnotering voorstellen. In het eerste kadertje hangen alle eurobiljetten als de tien geboden bij elkaar. Er hangen erbij die ik niet ken. Kader twee kreeg als titel ‘Geschiedenis van het geld’ mee. En als ik het goed zie, loopt die hemelse geschiedenis nog door in kader drie. Hier heerst duidelijk de godsdienst van het kapitalisme. Het priapisme van de eeuwige groei. Achteraan in de klas foto’s van fiere volgelingen strak in het pak of hoog op de hak. Zij zijn succesvol onderwezen in wat de wereld doet draaien. Terwijl ik met een taal zit te dwepen die amper nog wordt gesproken, kennen zij de grammatica van de enige taal die wereldwijd door iedereen wordt begrepen. Die van de held geld. Maar net zoals ik me tot God of Allah niet kon bekeren, moet ik het tot geld ook niet proberen. Op elk altaar wordt nu eenmaal altijd te veel geofferd. Na het afwegen van kosten en baten, kom ik steeds tot de conclusie dat ik me met geen enkele kan inlaten. Ik verlos hen die zich ijverig op het werk hebben gestort met de eenvoudige woorden EINDE VAN DE LES op het bord. In kapitalen. Met dit economisch gezien waardeloze stukje heb ik vast weer heel wat krediet verloren. Neem het mij niet kwalijk, ik ben nu eenmaal als onverbiddelijke heiden geboren.
maandag 22 mei 2023
Post voor niemand 24
Vandaag las ik een brief voor in de klas. Niet eentje van Paulus gericht aan de Korintiërs, maar wel de eerste van markiezin De Merteuil aan burggraaf De Valmont. Vileine gedachten in de mooiste bewoordingen neergeschreven. De schoonheid van het kwade. Goddelijk destructief.
zondag 21 mei 2023
Post voor niemand 23
Luttele oogopslagen geleden dronk ze nog haar melk uit een glas, veegde ze haar snor weg met de achterkant van haar hand en vroeg ze me haar veters te knopen. De rol van vaderheld liet zich nog makkelijk strikken. Maar zoveel oogopslagen later hapte de tijd er hongerig op los, is de vaderheld mee opgeslokt en is vader meestal gewoon de klos. Vanochtend vraagt ze bij het ontbijt naar de ambiguïteit van het existentialisme. Je weet wel, die kritiek van Simone de Beauvoir op het werk van Sartre. Je weet wel, je weet wel, sakker ik binnensmonds maar knik alsof ze net gevraagd heeft de chocoladevlokken door te geven. Tja, zeg ik met een air alsof ik er zelf bij was, die twee hebben altijd een beetje een ambigue relatie gehad. Je zou nochtans verwachten dat je de vlooien die je van het slapen bij de hond gekregen hebt, de hond niet laat terugbijten. Hoezo, was dat dan een koppel, vraagt ze verrast. Nou breekt mijn klomp! Ja, ten huize van wordt er al wel eens ouder Nederlands gebezigd. En zeggen dat ik dacht dat Satre en Descartes tijds- en kroeggenoten waren, gooit ze er nog argeloos achterna. En hopla, vrolijk hapt de tijd er verder op los. Ik zeg dat ik de finesse ervan vergeten ben, maar dat ik het varkentje wel zal wassen. Ik verzoek haar op te krassen richting haar boeken zodat ik in alle rust het antwoord op haar vraag kan zoeken. Ze groeit zo mooi, maar ook dat is ambigu. Het is nooit op de juiste momenten lang genoeg nu. Ik staar door het raam naar mijn voortuin die er netjes bij ligt volgens de wetten van maai-mei-niet. De distels in bloei en het gras okselhoog. Met een zucht trek ik mijn loopschoenen aan. Als ik de happen van de tijd wil bijhouden, zal ik in conditie moeten blijven. Een conditio sine qua non, me dunkt.
zaterdag 20 mei 2023
Post voor niemand 22
Hij was een man die kwam, verdeelde, heerste en weer ging. Hij was iemands hoop en vermoedelijk ook iemands lieveling. Hij preekte liefde, griefde en werd wie hij niet worden wou. Hij was een kind dat speelde groot te zijn en eindigde in ontrouw. Hij was niet slecht, hooguit onecht en angstig aan het eigen zwakke ego gehecht. Hij was een tragische man, niet opgewassen tegen de wensen van het leven en daar zijn er oneindig veel van. Hij vond ons als vogeltjes nog in het nest, knipte de vleugels voor onze eigen best en vroeg dan om dankbaarheid. Hij vocht een onmogelijke strijd voor het eigen gelijk, we waren hem vaak liever arm dan rijk en leerden het verschil tussen woord en daad. Slechts tot zelfbeklag in staat, wankelend tussen eigenliefde en zelfhaat, kwam de dag dat hij ook weer ging. Stampvoetend en als de zwakkeling die hij onder alle schijn altijd was, ontvluchtte hij iedereen die hij zo graag de les las. Hij was een man die kwam, verdeelde, heerste en weer ging. Hij was een man die meer kreeg dan hij verdiende, maar nu slechts verder leeft als een vage, zure herinnering.
Post voor niemand 21
Ach, Margrietje, de rozen zullen bloeien, ook al ben jij er
niet meer. Dat hoorde ik de eerste keer de dag dat hij er niet meer was. Het was een kras die diep naar binnen sneed, die
deze achtjarige zachtjes huilen deed en vulde met een gevoel waarvan hij nooit genas.
De rozen bloeien immers voort alsof ze zijn woorden hebben gehoord en doen wat
hij verlangt. Maar zijn stem werd stil gesmoord door een dood die cynisch vangt
al wie hem het meest bekoord. Later ging ook hij weg om wie we niet hoefden te
huilen, want hij was niet echt weg moest je weten. Zo gingen velen van hen en
ik kan hen niet vergeten. Ze zongen over heengaan en gingen veel te vroeg.
Zeker die ene die struikelde en viel met nog een heel leven voor de boeg. Ook hoor
hun stemmen nog zinderen, maar soms is dat niet genoeg.
Post voor niemand 20
De ijskast ronkt, een bromvlieg bromt en de lucht is
verlegen blauw. De dag is vrij, de hemel open en mijn gedachten varen naar jou.
Je haren strak in permanent, je humeur altijd egaal content, je dagen met
noestigheid gevuld. Geen oorkussen van
de duivel, buiten koerden je eigen mans duiven en jij het toonbeeld van
engelengeduld. Je had me lief, je bakte spek en soms hield ik je voor de gek.
Dan schudde je het hoofd en lachte luid, je hart was groot genoeg voor zo’n
schavuit. Je bad voor ons, stak ons in bad, veegde de spons over verdriet dat
niet eens zo diep in ons verborgen zat. Je pluimde kip tot vol-au-vent, je weigerde
alcohol carrément en koelde pudding op de vensterbank. Je sneed het brood nog
op de plank of dicht tegen je boezem aan. Je deed nog wat je voorouders je voor
hadden gedaan. Je was een echo uit een andere tijd die helaas verloren heeft
van de moderniteit. Ik hoop dat je daar nu ergens boven zit, vrij van plichten
en vals gebit. Maar met een glimlach om je mond omdat je dat van dat gebit er
toch weer ondeugend over vond. De dag is vrij, de hemel open en mijn gedachten
varen naar jou. Je leeft nog altijd in mij en jouw waarden blijf ik trouw.
Post voor niemand 19
Achter haar is haar feestje bezig. Maar zij zit afwezig
langs de waterkant en luistert naar de wind. Volwassen voelt ze zich nog niet
maar ook niet langer kind. Halfwassen dan misschien. Ze voelt vooral de uitersten
zoals menig meisje van 16. In het water voor haar wast de maan en volgen de
golven het ritme van de muziek. De sterren die erbij komen staan maken haar
lichtjes melancholiek. Ze heeft alles om gelukkig te zijn, meer dan het hart
begeert. Maar ze weet ondertussen dat je kinderlijk gelukkig zijn ergens onderweg
verleert. Een wolk drijft voor de maan en de wind neemt toe in kracht. Ze
staart naar de haartjes op haar arm en hoort plots heel zacht de stem van hem
die ze zo mist. Van wie het lot heeft beslist dat ze voortaan zonder hem moet gaan.
In de boom tegenover zit een vogel die haar
aankijkt en zwijgt, maar net daarom al haar aandacht krijgt. De vogel schudt
het kopje alsof het wil zeggen waarom stop je? Waarom stop je met vieren? Missen is gewoon één
van de manieren waarop het leven wil zeggen, dat wat je liefhebt altijd zal
blijven, ook al valt dat niet uit te leggen. Het vogeltje vliegt op en de wolk schuift bij
de maan vandaan. Ze voelt de sterren als
feestlichtjes in haar aangaan en ze lacht. Zestien is vaak bittersweet, maar
vooral veel rijker dan gedacht.