Stop met normaal te willen zijn. Dat hoorde ik lang geleden voor het eerst. Sindsdien werd het een soort refrein dat nu en dan mijn denken overheerst. Ook al spreek ik dezelfde taal en leef ik een gelijkaardig leven, toch stel ik vast dat ik verdwaal in dingen die anderen voldoening geven. Ik meen veel te begrijpen van wat anderen niet zien, terwijl ik nooit begrijp waaraan ik zoveel vriendelijkheid én onverschilligheid verdien. Welke plaats ik in een hoofd of een hart van anderen betrek, is veruit mijn meest onoverkomelijke, levenslange blinde vlek. Mensen komen en mensen gaan. Dat laatste zonder conflicten vaak, maar met de stille, duidelijke boodschap: geen belangrijke rol in mijn bestaan. Ik ben steevast een bezoeker die alom welkom wordt geheten, maar hoe je dan moet zorgen dat je ook kan blijven, dat heb ik dus nooit geweten. Misschien ben ik gewoon te weinig uitgesproken, teveel van alles en te weinig van iets, zodat verbintenissen weer snel worden afgebroken wanneer blijkt dat ik geen antwoorden op behoeftes bied. Ik schiet voortdurend en overal tekort en dat ligt ook helemaal aan mij, maar waar het mij juist aan schort daar raak ik helaas na al die jaren nog steeds niet bij.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten