woensdag 31 mei 2023

Post voor niemand 31

 Artificiële intelligentie geeft alweer een nieuwe dimensie aan het leven van vandaag. Of het ook een zegen is, is ondertussen al een overbodig geworden vraag die je via AI zou kunnen stellen. AI zal dan op wonderlijke wijze een oordeel over zichzelf kunnen vellen. Het kan lezen, het kan schrijven, het kan de meeste onkunde voor eventjes verdrijven. Het is snel en accuraat en ogenschijnlijk tot het onmogelijke in staat. Het zal ons verrijken en ons dienen. Al valt dat natuurlijk ook nog te bekijken, want er zijn wel wat misschienen. Jobs zouden verdwijnen, de impact van de mens zou stilletjes verkleinen en zelfs kunst zou op termijn vooral kunstmatig zijn. Maar wat valt er te beleven aan een gedicht door een machine uitzonderlijk mooi geschreven dat de hapering van een hart niet kent? Dat het sentiment ontbeert waaruit het verlangen tot creëren wordt geboren? Nee, in het domein van de kunsten heeft AI niets verloren. Kunst is voor mij alleen iets waard als daarin een mens een stuk van zichzelf openbaart of desnoods op onnavolgbare manier navelstaart. Kunst blijft iets van mens tot mens, daar ligt bij artificiële intelligent voor mij absoluut de grens.


Alle reacti

dinsdag 30 mei 2023

Post voor niemand 30

 In de zinderende namiddaguren ligt het park van Tervuren er te verzadigd bij. De lucht te blauw, het gras te groen en de vijvers te vredig zij aan zij. En alsof horend tot het toeristisch beleid zien we her en der verspreid koppeltjes bij elkaar. Het ene paar nog onstuimig jong en anderen frivool grijs, maar allen liggend lip aan lip of Bart Peerterskesgewijs. De wind wil nog wel koelen maar de handen zijn hongerig en voelen zich onaantastbaar. Ze staan allen voor het park te kijk maar worden rondom niet langer meer gewaar. Kikkers kwaken dat ze prinsen zijn of zelfs bezitters van een gouden bal. Witte zwanen rechten hautain de hals, want de meeste kikkers kwaken vals en geen deerne die hen kussen zal. Wat verder in te groene gras en onder het te blauwe blauw ligt een jonge vrouw op haar zij en heel alleen. Alsof er ooit wel een lepeltje was geweest dat er plots genoeg van had en dan maar met een diepe zucht verdween. Haar ogen zijn toe als geloken jaloezieën, haar armen omringen de lichtjes opgetrokken knieën en haar haren laten zich versieren door de schaamteloze wind. Ze slaapt de slaap der onschuldigen, kwetsbaar en onbevangen als een kind. Ze is ergens ver weg, waar enkel dromen kunnen komen. Rondom zuchten er bomen en aan haar voeten stroelt het water alsof het zeggen wil: geef je, geef je over, al de rest kan evengoed nog later. De lente is haar deken en het park haar ledikant. Ik heb slechts vluchtig naar haar gekeken, maar een vertedering lang was zij de mooiste van het land.

Post voor niemand 29

Gisteren was het haar feest. Ze was heel erg aanwezig, helemaal anders dan door mij beschreven was geweest. De zon was in de maan haar plaats gaan staan en wolken waren er niet. Er was alleen maar vreugde en nergens spatjes aan verdriet. Het vogeltje was gevlogen, er was geen nood aan mededogen en alles was plezant. Ze stond met een schare vriendinnen hand in hand langs de bewuste waterkant en sprong. Ze doken in het water, zorgeloos over later en vierden de lente in hun leven. Mijn tekst, op vraag van haar moeder geschreven, is dan ook onuitgesproken op zak gebleven. De lucht was helderblauw en alle gasten waren gekleed in wit. Het was zo’n heerlijk feestje waarop geen mens op woorden over gemis te wachten zit. Zo werd ze 16 op een prachtige manier, heel erg sweet en zoveel mooier dan mogelijk is op papier.

Post voor niemand 28

Er is zoveel te doen, zoveel wegen te gaan. Zoveel nog de moeite, maar geen beginnen aan. Rechtdoor leidt hoogstwaarschijnlijk enkel naar al gedaan, maar hoe weet een mens waar en wanneer hij af moet slaan? De tijd tikt ondertussen voort. Zachtjes op de schouder. Welke weg je ook kiest, het is altijd richting ouder. Dus ik aarzel en ik twijfel, ik bazel en ik weifel, ik wil wel en dan weer niet. Ik weet nog altijd niet hoe een ander mens mij ziet en dat onvermogen doet alle wankele pogingen ook weer snel teniet. Maar de zon schijnt en het geluk staat vaak aan mijn zijde. Ik heb de mogelijkheid om elke richting uit te rijden. Elke richting die ik maar wil. En net bij die ik maar wil, val ik altijd stil. Er is zoveel te doen, zoveel de moeite waard, zoveel kanten van mezelf die ik al te lang heb opgespaard. De tijd tikt voort, maar ik heb haar vraag aan mezelf gehoord. Ik moet leren kiezen voor en dan maakt het niet uit: links, rechts of volop rechtdoor.

donderdag 25 mei 2023

Post voor niemand 27

 Een roedel kleuters onderweg tijdens de mooie maand mei. Ze wandelen netjes hand in hand en vorderen zij aan zij. Een wel 100 meter lange rij van vrolijkheid en blij. Ze zwaaien als ik hen passeer of roepen uitbundig ‘Dag meneer!’ Dit uitje is duidelijk plezant.
Elk kind draagt in de andere hand een boeketje wilde bloemen. Van Dagkoekoek tot Klaproos, van Margrietjes tot scherpe botergele. Ze zijn te veel om op te noemen maar duidelijk om uit te delen. Edoch wie zou toch de gelukkige zijn, het doel van deze bonte kleutertrein? Dus ik vertraag en vraag waar de reis heengaat en prompt weerklinkt haast euforisch uit menig mond: ‘ Naar de kapel! Naar moeder Maria!’

Tuurlijk, ja, ik had het moeten weten, de meimaand is de hoogmis van het katholieke daten en jong geleerd is oud gedaan. Ik wuif ze nog even na en zie een jongen struikelen en vallen. Ik hoop niet van zijn nog jonge geloof. Want al ben ikzelf al heel mijn leven doof voor de stem god, geloof hebben we allen nodig en er zijn al zoveel mooie tradities kapot. Ave Maria, wees er voor al dit heerlijk grut en altijd vol gena.

woensdag 24 mei 2023

Post voor niemand 26

Ze praten zonder je aan te kijken. Terwijl de woorden je bereiken, blijven de ogen geloken, verdoken zodat je ze niet kan lezen. Ze vrezen hooguit de hoon van klasgenoten. Hun toon is altijd bars, wars van de vragen die je stelt. Het enige wat telt is gezichtsverlies vermijden. Het is een voortdurend strijden onder zogezegde vrienden die elkaars zwaktes zoeken en vinden en dan genadeloos uithalen. Ze verdwalen in hun eigenwaan dat ze boven alles en iedereen staan. Ze minachten de meisjes die humor niet verstaan en verachten de apen in de klas vooraan.  Ze zijn slim, maar van hartelijkheid gespeend. Alles aan hen lijkt berekend en niets oprecht gemeend. Al een heel schooljaar probeer ik hen te bereiken, maar ze wijken alleen maar verder terug. Ontwijken elke brug die ik tracht te slaan, er helpt er geen lievemoederen aan. Het eenvoudigste zou zijn hen los te laten. Enkel over de prima punten praten en de schijn ophouden. Maar er is een wonde, een niet eens zo oude, van een jongen die me ook nooit aankeek als hij praatte en elke zoektocht naar verbinding haatte. Nog vaak denk ik nu hij er niet meer is: dat soort afwijzing is te gevaarlijk om zonder slag of stoot toe te laten.

dinsdag 23 mei 2023

Post voor niemand 25

 Dit schooljaar heb ik net voldoende krediet om elke week één uurtje in een economielokaal te mogen vertoeven. Terwijl de leerlingen voor mij zwoegen op enkelvoudige en samengestelde zinnen, nevenschikkingen en meer van dat wat voor hen vast aanvoelt als van ondergeschikt belang, laat ik mijn blik door het lokaal dwalen. Het is er ordelijk en overzichtelijk zoals het in zo’n lokaal betaamt. Aan de muur hangen kadertjes netjes horizontaal behalve eentje. Die moet volgens mij een dalende beursnotering voorstellen. In het eerste kadertje hangen alle eurobiljetten als de tien geboden bij elkaar. Er hangen erbij die ik niet ken. Kader twee kreeg als titel ‘Geschiedenis van het geld’ mee. En als ik het goed zie, loopt die hemelse geschiedenis nog door in kader drie. Hier heerst duidelijk de godsdienst van het kapitalisme. Het priapisme van de eeuwige groei. Achteraan in de klas foto’s van fiere volgelingen strak in het pak of hoog op de hak. Zij zijn succesvol onderwezen in wat de wereld doet draaien. Terwijl ik met een taal zit te dwepen die amper nog wordt gesproken, kennen zij de grammatica van de enige taal die wereldwijd door iedereen wordt begrepen. Die van de held geld. Maar net zoals ik me tot God of Allah niet kon bekeren, moet ik het tot geld ook niet proberen. Op elk altaar wordt nu eenmaal altijd te veel geofferd. Na het afwegen van kosten en baten, kom ik steeds tot de conclusie dat ik me met geen enkele kan inlaten. Ik verlos hen die zich ijverig op het werk hebben gestort met de eenvoudige woorden EINDE VAN DE LES op het bord. In kapitalen. Met dit economisch gezien waardeloze stukje heb ik vast weer heel wat krediet verloren. Neem het mij niet kwalijk, ik ben nu eenmaal als onverbiddelijke heiden geboren.